FacebooktwitterpinterestlinkedinmailFacebooktwitterpinterestlinkedinmail

Een paar keer per jaar ben ik voor m’n werk op reis. En zo belandde ik in oktober 2006 in Las Vegas, voor een conferentie/beurs. Vermits ‘t toch wel vrij lang vliegen is, heb ik van de nood dan maar een deugd gemaakt en heb ik er nog een viertal dagen vakantie genomen, om de Grand Canyon te bezoeken. Die ligt op een half dagje rijden van Las Vegas.

De avond dat ik er aankwam, vond ik ‘t wel wat tegenvallen… ‘t Probleem is dat de Grand Canyon zo groot is, dan je ‘m van bovenuit niet echt kan inschatten. De twee volgende dagen ben ik dan afgedaald in de Canyon en dan wordt ‘t echt wel indrukwekkend. Ik heb telkens een dagtripje gemaakt, wat betekent dat ik slechts halfweg ben geraakt… Om tot aan de rivier te wandelen, moet je een tweedaagse doen: dag 1 afdalen tot aan de rivier, daar overnachten en op dag 2 terug omhoog. En, moest je er ooit naartoe gaan: neem water mee, véél water… Elk jaar sterven er mensen doordat ze te weinig meenamen op hun wandelingen. Op een van de paden kom je om ‘t uur wel een waterbevoorradingsplaats tegen, maar op de andere paden enkel aan ‘t beginpunt en aan ‘t eindpunt… Tijdens een van m’n wandelingen ben ik aan ‘t praten geweest met een Amerikaan, die van de rivier kwam en maar 1,5 liter water bij had en dus ongeveer uitgedroogd was.

Eddy

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.